Berichten

Op grond van artikel 402a van Boek 1 Burgerlijk Wetboek vindt jaarlijks indexering van kinder- en partneralimentatie plaats. Dit betekent dat de alimentatie mee stijgt met de gemiddelde loonstijging.

Percentage

Ieder jaar op 1 januari veranderen de alimentatiebedragen. De minister van Veiligheid en Justitie stelt het percentage vast waarmee de alimentatie jaarlijks stijgt. Dit percentage hangt onder meer af van de jaarlijkse stijging van de lonen. Het CBS stelt jaarlijks vast met hoeveel procent de lonen zijn gestegen. In de afgelopen jaren steeg de alimentatie met de volgende percentages:

2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020
2,2 % 3,9 % 2,3 % 0,9 % 1,3 % 1,7 % 0,9 % 0,8 % 1,3 % 2,1 % 1,5% 2,0 % 2,5 %

Bron: Nibud

Voorbeeld

Via de website van het LBIO berekent u makkelijk zelf de geïndexeerde alimentatie. U hoeft alleen het jaartal waarin de alimentatie is overeengekomen of vastgesteld en het maandbedrag in te vullen.

Een voorbeeld: een in 2015 vastgestelde alimentatie van € 100,00, is in 2020 € 109,76:

Ingangsdatum Percentage Bedrag in €
01-01-2015 0.8% € 100,00
01-01-2016 1.3% € 101,30
01-01-2017 2.1% € 103,43
01-01-2018 1.5% € 104,98
01-01-2019 2.0% € 107,08
01-01-2020 2.5% € 109,76

Bron: LBIO

Het belang van het bijhouden van de indexering

Als u alimentatie betaalt of ontvangt, bent u zelf verantwoordelijk voor het aanpassen van de bedragen. Wanneer uw ex-partner geen of te weinig alimentatie betaalt, kunt u de alimentatie inclusief indexatie laten innen. Het recht op het innen van niet of te weinig betaalde alimentatie verjaart na vijf jaar. Om deze redenen is het dus erg belangrijk dat u de stijging van de alimentatie goed bijhoudt.

Afspraken over indexering

In het convenant; het document waarin afspraken over onder meer de alimentatie staan, wordt aandacht besteed aan de jaarlijkse indexering. Hierin is de volgende zin opgenomen: ‘Deze alimentatie is te beginnen m.i.v. 1 januari 2020 onderworpen aan de wettelijke indexering als bedoeld in art. 1:402a BW.’  In het ouderschapsplan kunt u de volgende zin aantreffen: ‘De kinderalimentatie zal jaarlijks worden geïndexeerd volgens de wettelijke normen, voor het eerst per 1 januari 2020.’ Van indexatie van partneralimentatie kunt u vooraf afzien en dit op laten nemen in het convenant. Voor kinderalimentatie is dat niet mogelijk. Wel kunt u ervoor kiezen om af te zien van jaarlijkse indexering, bijvoorbeeld omdat het niet nodig is. Het is verstandig om deze afspraak schriftelijk vast te leggen, bijvoorbeeld in een e-mailbericht aan elkaar.

Conclusie

Het bedrag aan partner- en kinderalimentatie stijgt ieder jaar. Het percentage waarmee de alimentatie wordt verhoogd verschilt per jaar. Het is verstandig om de indexering van de alimentatie zelf bij te houden. Dit is vooral belangrijk in verband met het innen van niet of te weinig betaalde alimentatie. U kunt ook (schriftelijk) met elkaar afspreken de indexering achterwege te laten.

Mocht u nog vragen hebben over (het maken van afspraken omtrent) de indexering van alimentatie, dan kunt u vrijblijvend contact opnemen met ons.

Op 11 december 2018 is het wetsvoorstel herziening partneralimentatie aangenomen door de Tweede Kamer.  Op 21 mei 2019 stemde ook de Eerste Kamer in met het wetsvoorstel. De ingangsdatum van de nieuwe wet is 1 januari 2020. Het wetsvoorstel ziet op de duur van de partneralimentatie.

Duur partneralimentatie onder de huidige wetgeving

Op grond van de huidige wet eindigt de alimentatieplicht maximaal twaalf jaar na de scheiding, tenzij de rechter anders beslist. Deze nieuwe termijn geldt ook voor huwelijken met kinderen. Daarnaast geldt de termijn ook als het huwelijk vijf jaar of langer heeft geduurd. Als het huwelijk korter dan vijf jaar heeft geduurd, is de termijn gelijk aan de duur van het huwelijk.

Duur partneralimentatie onder de nieuwe wetgeving

De huidige duur van de alimentatie wordt door de nieuwe wet verkort van twaalf jaar naar de helft van de duur van het huwelijk. De termijn is op z’n hoogst vijf jaar. Volgens de bedenkers van de wet is een maximale termijn van twaalf jaar te lang. De lange termijn maakt het mensen lastig om na hun scheiding hun eigen leven op te pakken. Ook is het de bedoeling de economische zelfstandigheid van de ontvanger te stimuleren. De nieuwe, kortere termijn moet zorgen voor meer evenwicht tussen de positie van degene die betaalt en degene die ontvangt.

Uitzonderingen

Beoordeling

Er bestaan uitzonderingen op de hoofdregel. In de volgende drie gevallen kan de termijn langer dan vijf jaar zijn:

  1. Het huwelijk heeft op het moment van scheiden langer dan vijftien jaar geduurd. Ook is degene die recht heeft op alimentatie maximaal tien jaar jonger dan de geldende AOW-leeftijd. In dat geval eindigt de alimentatieplicht bij het bereiken van de AOW-leeftijd. De alimentatie duurt dan ten hoogste tien jaar.
  2. Het gaat om een scheiding van ouders met jonge kinderen. De alimentatieplicht loopt door tot het moment dat het jongste kind twaalf jaar oud is. De alimentatie duurt in dat geval dus ten hoogste twaalf jaar.
  3. Degene die recht heeft op alimentatie is op 1 januari 2020 vijftig jaar of ouder. In dit geval moet het huwelijk ook tenminste vijftien jaar hebben geduurd. De alimentatie duurt maximaal tien jaar.

Als een huwelijk onder meerdere uitzonderingen valt, dan geldt de langste termijn. De rechter kan op verzoek een kortere termijn vaststellen. Dit kan onder de huidige wetgeving ook.

Overgangsrecht

De nieuwe wetgeving is niet van toepassing op bestaande alimentatieverplichtingen. De wetgeving geldt alleen voor alimentatieverplichtingen die op of na de inwerkingtreding van de nieuwe wet zijn ontstaan. De nieuwe wetgeving geldt ook niet als vóór 1 januari 2020 door de rechter is vastgesteld dat geen alimentatie verschuldigd is. Dit geldt ook als u samen bent overeengekomen dat dit het geval is. Kon u op dat moment niet betalen, maar later wel? Of wilt u later alsnog een bedrag overeenkomen? In dat geval gelden de regels van voor 1 januari 2020.

Hardheidsclausule

In de nieuwe wet is een zogeheten hardheidsclausule opgenomen. Deze clausule is bedoeld voor gevallen waarin het eindigen van de alimentatieplicht niet redelijk is. Dit moet blijken uit specifieke omstandigheden. In dat geval kan de rechter op verzoek van degene die recht heeft op alimentatie een langere termijn vaststellen.

Conclusie

De nieuwe wetgeving gaat op 1 januari 2020 in en geldt in beginsel voor alle huwelijken. Voor iedere kwestie waarin alimentatie speelt, moet worden bekeken onder welke regels u valt. Valt u onder de nieuwe regelgeving? Dan bekijken wij of er sprake is van een uitzondering of van omstandigheden die tot een uitzondering moeten leiden. Alimentatie blijft daarmee maatwerk. Mocht u nog vragen hebben over partneralimentatie, dan kunt u vrijblijvend contact opnemen met ons.